Werkloosheidswet
Laatst bijgewerkt op: 19-4-2012Wie werkloos is kan gedurende een bepaalde tijd, afhankelijk van het arbeidsverleden, een uitkering krijgen op grond van de Werkloosheidswet (WW).
In de Werkloosheidswet (WW) is geregeld dat u een inkomen krijgt wanneer u buiten uw schuld uw baan (gedeeltelijk) verliest en op zoek moet naar een nieuwe baan. Het Uitkeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) is verantwoordelijk voor de beoordeling en de uitkering.
Voorwaarden
U krijgt een WW-uitkering als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
- U bent verzekerd voor werkloosheid. Dit is meestal zo als u bij een werkgever in dienst bent of was. Als u 65 jaar of ouder bent, bent u niet meer verzekerd.
- U heeft in de periode vóór uw werkloosheid 26 van de 36 weken gewerkt. Dit is de wekeneis. Voor musici en artiesten is het soms genoeg als zij in in de laatste 39 weken 16 weken hebben gewerkt.
- U verliest minimaal 5 uur van uw arbeidsuren per week en u heeft geen recht op loon over die uren. Dus ook als u een deel van uw baan kwijtraakt kunt u een WW-uitkering aanvragen. Werkte u gemiddeld minder dan 10 uur per week? Dan bent u werkloos als u minimaal de helft van dit aantal uren en het loon over die uren kwijtraakt. Overuren of tijdelijk extra gewerkte uren tellen meestal niet mee.
- U bent niet door uw eigen schuld werkloos geworden. Als u door uw eigen schuld werkloos bent geworden krijgt u mogelijk geen WW-uitkering.
- U bent direct beschikbaar voor uw nieuwe baan.
Aanvraag
Om een WW-uitkering aan te kunnen vragen bij het UWV moet u zich inschrijven als werkzoekende bij het UWV WERKbedrijf (dit kan via www.werk.nl of bij een regionale vestiging van het WERKbedrijf).
Beslissing
Heeft u uiterlijk op de eerste dag van uw werkloosheid de aanvraag volledig ingediend, dan krijgt u uiterlijk 4 weken later de beslissing van het UWV en als u in aanmerking komt voor een Ww-uitkering ook uw eerste betaling. Duurt de beslissing over de aanvraag langer dan kunt u een voorschot krijgen op uw uitkering.
Let op! U moet dit uiteraard terugbetalen als blijkt dat u geen recht hebt op een uitkering.
De beslissing over uw uitkering bevat de volgende informatie:
- Hoe hoog uw uitkering is
- Hoe lang uw uitkering duurt
Duur en hoogte
Een WW-uitkering duurt minimaal 3 maanden en maximaal 38 maanden (3 jaar en 2 maanden) afhankelijk van hoe lang u al werkt. Als u aan de bovengenoemde wekeneis voldoet krijgt u in ieder geval een ww-uitkering voor de minimale duur van 3 maanden. Heeft u daarnaast in de de laatste 5 kalenderjaren voordat u werkloos werd minimaal 4 kalenderjaren gewerkt en heeft u daarbij in elk van die 4 jaren minimaal over 52 dagen loon ontvangen? Dan voldoet u ook aan de jareneis. Dit betekent dat u in aanmerking komt voor een langere periode Ww-uitkering. Uw totale Ww-uitkering duurt dan in maanden even lang als uw arbeidsverleden in jaren.
Het berekenen van uw arbeidsverleden is echter niet eenvoudig. Het UWV hanteert de volgende begrippen:
- Het feitelijke arbeidsverleden; dit bestaat uit het aantal volledige kalenderjaren vanaf 1998 waarin u ten minste 52 dagen per jaar in loondienst bent geweest. Het jaar waarin u werkloos werd telt niet mee.
- Het fictief arbeidsverleden; dit bestaat uit de jaren vanaf het jaar dat u 18 werd tot 1998. Werd u in of na 1998 18 jaar, dan geld het fictief arbeidsverleden dus niet.
- Het totale arbeidsverleden tot slot is de som van uw feitelijk en fictief arbeidsverleden. Op basis van het totale arbeidsverleden weet u de duur van uw Ww-uitkering.
Voorbeeld 1:
In 2010 verliest Jan zijn baan. Hij is dan 42 jaar en heeft vanaf zijn 20ste (dus vanaf 1988) altijd gewerkt. Zijn arbeidsverleden is:
- Feitelijk: 1998 t/m 2009 = 12 jaar
- Fictief: 1998 – (het geboortejaar van Jan) 1968 - 18 = 12 jaar
- Totaal: 12 + 12 = 24 jaar
Jan heeft een totaal arbeidsverleden van 24 jaar en heeft dus maximaal 24 maanden recht op een Ww-uitkering.
Voorbeeld 2:
In 2010 verliest Marije haar baan. Zij is dan 26 en heeft vanaf haar 16de (dus vanaf 2000) regelmatig in deeltijd gewerkt naast haar studie en later in voltijd maar ze heeft tussendoor ook een jaar niet gewerkt omdat zij op reis was. Haar arbeidsverleden is:
- Feitelijk: 2000 t/m 2009 - 1 jaar reizen = 9 jaar
- Fictief: Marije heeft geen fictief arbeidsverleden
- Totaal: 9 jaar
Marije heeft een totaal arbeidsverkeden van 9 jaar en heeft dus maximaal 9 maanden recht op ww-uitkering.
Let op: Voor het arbeidsverleden tellen soms ook (delen van) jaren mee waarin u:
- zorgde voor een kind jonger dan 5 jaar, of voor een zieke of gehandicapte;
- onbetaald verlof opnam;
- een volledige WIA- of WAO-uitkering kreeg;
- in andere landen werkte.
Een WW-uitkering bedraagt de eerste 2 maanden 75% van uw laatstverdiende loon en daarna 70% van uw laatstverdiende loon (tot een maximumbedrag). Als u hiermee onder het sociaal minimum komt dan kunt u een toeslag op uw uitkering aanvragen bij het UWV.
Rechten en plichten
Om uw uitkering te houden moet u actief op zoek naar werk. Er worden hierover afspraken met u gemaakt door de werkcoach van het WERKbedrijf. Deze afspraken zijn vastgelegd in uw persoonlijke werkplan, dat u kunt inzien via www.werk.nl. U moet in uw persoonlijke digitale werkmap op deze site ook uw CV en sollicitatiebrieven bewaren.
Klachten UWV
Als u niet goed bent behandeld door het UWV dan kunt u een klacht indienen. Meldt uw klacht bij De Ombudsman via het Klachtenportaal.
Om uw klacht zelf op te lossen kunt u gebruik maken van ons: Stappenplan Klacht indienen bij het UWV
Bezwaar en beroep UWV
Als u het niet eens bent met de hoogte van uw WW-uitkering of u krijgt ten onrechte helemaal geen uitkering, kunt u in bezwaar gaan. Dat doet u door bij het UWV een bezwaarschrift in te dienen. Als het UWV desondanks haar besluit niet wijzigt, kunt u in beroep gaan tegen het besluit bij de rechtbank, afdeling bestuursrecht. Stelt de rechter u ook in het ongelijk, dan kunt u in hoger beroep gaan bij de Centrale Raad van beroep. Dat is de hoogste rechter in sociale zekerheidsrechtzaken.
Gebruik ons: Stappenplan Bezwaar en beroep UWV

