Ziekte en re-integratie
Laatst bijgewerkt op: 07-5-2012Er zijn verschillende regelingen, zoals de Ziektewet en de Wet verbetering Poortwachter, die betrekking hebben op uw rechten en plichten in het proces van ziekmelding tot re-integratie.
Wanneer u ziek bent, heeft u in de meeste gevallen recht op loondoorbetaling door uw werkgever of u krijgt een Ziektewet-uitkering van het UWV. Vervolgens regelt de Wet verbetering Poortwachter het proces van re-integreren op een werkplek.
Ziekmelding
Als u ziek bent en dus uw werk niet meer kunt doen, moet u dit zo snel mogelijk melden bij uw werkgever. De werkgever geeft de ziekmelding door aan de bedrijfsarts. De bedrijfsarts beoordeelt of u inderdaad niet kunt werken.
De bedrijfsarts
Als u zich ziek heeft gemeld, zal de bedrijfsarts u meestal voor een gesprek uitnodigen. Hierbij mag u uiteraard een familielid, vriend of andere ondersteuner meenemen. De bedrijfsarts is een arts die gespecialiseerd is in de relatie tussen arbeid en gezondheid. De bedrijfsarts beoordeelt of de werknemer door zijn ziekte al dan niet in staat is zijn eigen werk te doen. Volgens de wet is de bedrijfsarts onafhankelijk.
Een bedrijfsarts heeft drie taken:
- Adviseren over de arbeidsongeschiktheid van een werknemer voor zijn functie.
- Bekijken of de zieke werknemer ook ander passend werk kan doen.
- Bemiddelen bij het aanpassen van de werkzaamheden.
De bedrijfsarts kan u niet verplichten een medisch onderzoek, behandeling of operatie te ondergaan. Ook niet als u daardoor sneller weer aan het werk kan gaan. De bedrijfsarts kan u wel doorverwijzen naar een medisch specialist of paramedicus (bijvoorbeeld een fysiotherapeut) en u heeft wel de plicht alles te doen om uw herstel te bespoedigen.
Privacy
Uw werkgever behoort uw privacy in acht te nemen. Dat betekent dat uw werkgever u niet mag vragen welke ziekte u heeft. Als uw werkgever het toch doet, mag u hierover zwijgen.
Uw bedrijfsarts mag geen medische informatie aan uw werkgever geven. Hij heeft een beroepsgeheim. Wel mag de bedrijfsarts uw werkgever over aanpassingen voor het werk adviseren en over de beperkingen die u heeft. Ook mag uw bedrijfsarts uw werkgever vertellen of uw ziekte met uw werksituatie te maken heeft.
De bedrijfsarts kan - als u dat wilt - bij uw behandelend arts informatie vragen. Hij heeft hiervoor uw uitdrukkelijke toestemming nodig. Uw behandelend arts is immers ook gebonden aan zijn beroepsgeheim. Vraagt u altijd een kopie van de informatie die uw behandelend arts aan de bedrijfsarts stuurde.
Loondoorbetaling
Als u zich terecht ziek heeft gemeld moet uw werkgever het loon doorbetalen. In de eerste twee ziektejaren moet uw werkgever tenminste 70% van het loon doorbetalen, waarbij hij in het eerste jaar van ziekte niet minder mag betalen dan het minimumloon tenzij uw normale loon lager is dan het minimumloon, dan moet de werkgever uw gewone loon betalen. In de CAO kan afgesproken zijn dat het eerste jaar van ziekte zelfs 100% van het loon wordt doorbetaald. In het tweede jaar is het vrijwel altijd 70%. Aan het einde van die twee jaar kunt u een arbeidsongeschiktheidsuitkering aanvragen. Dat is geregeld in de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (Wet WIA).
Wanneer u recht heeft op een ziektewet-uitkering van het UWV mag de werkgever die uitkering op het loon in mindering brengen. In de praktijk is het vaak handig het UWV toestemming te geven de uitkering aan de werkgever te betalen, die op zijn beurt u dan het salaris doorbetaalt.
Het deskundigenoordeel
Als uw werkgever vindt dat u weer beter bent en aan het werk kunt terwijl u zelf vindt dat u nog ziek bent, kunt u bij het UWV een deskundigenoordeel aanvragen. Het UWV zal beoordelen of u al dan niet in staat bent uw eigen werk te doen. Blijkt u ziek te zijn, dan heeft u recht op doorbetaling van loon maar bent u volgens het UWV niet ziek, dan heeft u werk geweigerd en mag de werkgever het loon inhouden. Dit deskundigenoordeel is niet bindend, maar in de praktijk wordt er door de rechter veel waarde aan gehecht.
Het is ook mogelijk een deskundigenoordeel te vragen aan het UWV wanneer u van mening bent dat de werkgever zich onvoldoende inspant om u te re-integreren. Op zijn beurt kan de werkgever het UWV vragen te oordelen over uw re-integratieinspanning. Ten slotte is het mogelijk het UWV te vragen of een aangepaste functie wel of niet door u verricht kan worden. Probeer er altijd eerst zelf met de werkgever uit te komen voor u naar het UWV stapt.
Ziektewet
U krijgt een Ziektewet-uitkering in de volgende gevallen:
- Uw arbeidsovereenkomst loopt af tijdens uw ziekte.
- U bent oproepkracht of uitzendkracht en hebt bij ziekte geen recht op loondoorbetaling.
- U krijgt een WW-uitkering en bent langer dan 13 weken ziek.
- U bent thuiswerker, stagiair, provisiewerker of freelancer.
- U bent als zelfstandige vrijwillig verzekerd voor de Ziektewet.
In een aantal andere gevallen kan uw werkgever een Ziektewet-uitkering voor u aanvragen. U merkt daar zelf meestal niets van omdat uw werkgever uw loon gewoon doorbetaalt. Dit is het geval als:
- U ziek bent door uw zwangerschap of bevalling.
- U ziek bent door orgaandonatie.
- U een ziekte of een handicap heeft en binnen 5 jaar na het begin van uw baan ziek wordt.
Hoogte en duur
U kunt een Ziektewetuitkering aanvragen bij het UWV. Het UWV moet binnen vier weken over uw aanvraag beslissen.
De Ziektewet-uitkering is meestal 70% van uw loon en kan maximaal twee jaar duren. Ziekteperioden waartussen minder dan 4 weken zit worden bij elkaar opgeteld. De tijd van een bevallingsuitkering telt niet mee voor de berekening van de duur van de ziektewetuitkering.
Wet verbetering Poortwachter
Als u langer ziek blijft, krijgt u te maken met de Wet verbetering Poortwachter. Deze wet is gericht op een goede re-integratie van de zieke werknemer. Samen met uw werkgever moet u er alles aan doen om zo snel mogelijk weer aan het werk te kunnen. De bedrijfsarts of arbodienst ondersteunt u daarbij. Uw werkgever en u moeten zich houden aan het volgende tijdspad.
- Binnen 1 week: de werkgever meldt u ziek bij de bedrijfsarts of arbodienst
- Binnen 6 weken: de bedrijfsarts of arbodienst maakt een probleemanalyse
In een probleemanalyse wordt uw medische toestand beschreven. De bedrijfsarts gaat na of het mogelijk is om naar uw werk terug te keren. Hij zal hierover adviseren. Verder gaat hij na welke beperkingen u bij het werken heeft. Uw werkgever ontvangt niet het medische gedeelte van de probleemanalyse, waarin staat wat u mankeert. Als u het goed vindt, mag het natuurlijk wel. Wel krijgt uw werkgever te horen welke beperkingen u heeft voor het werk. Er kunnen goede redenen zijn om later dan zes weken een probleemanalyse op te stellen. Dat is toegestaan.
- Binnen 8 weken: u stelt met uw werkgever een plan van aanpak vast.
Er moet overeenstemming over het plan van aanpak bestaan. Een plan van aanpak bevat een aantal elementen:
- Aanstelling van een casemanager. In de praktijk is de casemanager meestal de leidinggevende of personeelsfunctionaris. Maar iedereen kan casemanager zijn. De casemanager begeleidt het proces van werkhervatting. Ook verzorgt de casemanager het contact tussen u, uw werkgever en de bedrijfsarts.
- Activiteiten rondom werkhervatting. Eerst wordt het doel voor de werkhervatting vastgesteld. Daarna bespreekt u met uw werkgever wat er nodig is om dit doel te behalen. Dat kunnen allerlei activiteiten zijn. Bijvoorbeeld een cursus of training, aanpassing van de werkplek, een afspraak over werkhervatting bij een ander bedrijf dat betere mogelijkheden voor passend werk heeft. De afspraken hierover worden schriftelijk vastgelegd.
- Afspraken: Afspraken over momenten waarop wordt bekeken hoe de werkhervatting verloopt. In ieder geval moet er elke 6 weken een gesprek tussen werkgever en werknemer zijn.
- Uiterlijk in week 42 van de ziekte: uw werkgever meldt u ziek bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV).
- Uiterlijk 3 maanden voor het einde van het tweede ziektejaar: u dient een aanvraag in voor de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
Bij de aanvraag stuurt u een re-integratieverslag mee. In het verslag moet staan wat er is gedaan om u weer aan het werk te helpen. Uw werkgever, de bedrijfsarts en u: ieder schrijft een deel. Maak hier goed gebruik van. U kunt er uw ervaringen kwijt. Het is een gemiste kans als u dat niet doet.
Tips!
- Het is belangrijk dat u de casemanager vertrouwt. U kunt moeite hebben met de persoon van de casemanager. Of u vindt dat hij zijn taak niet goed uitoefent. Bespreek dit met uw werkgever en vraag om een andere casemanager. Dat is in uw belang. Een goede casemanager oefent een positieve invloed uit op het werkhervattingsproces
- Als u er met uw werkgever niet uitkomt, kunt u bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) een deskundigenoordeel (second opinion) aanvragen. U kunt het UWV vragen of een bepaalde functie passend is. Ook kunt u het UWV vragen te beoordelen of uw werkgever voldoende aan uw reïntegratie heeft meegewerkt. Als u een deskundigenoordeel aanvraagt moet u er rekening mee houden dat uw werkgever u dit misschien niet in dank afneemt. De arbeidsrelatie kan hierdoor verslechteren
- Uit de praktijk blijkt dat bij reïntegratie de samenwerking tussen werkgever en werknemer nogal eens te wensen overlaat. Het is heel belangrijk om te zorgen voor een goede samenwerking en te voorkomen dat er een arbeidsconflict ontstaat
- Let u erop dat u kopieën krijgt van de probleemanalyse, het plan van aanpak, de bijstellingen van het plan van aanpak, het verslag van ieder bezoek aan de arbodienst, de brieven die uw bedrijfsarts naar de werkgever stuurt, kortom van alle schriftelijke stukken
Zodra het mogelijk is moet u weer op uw werk verschijnen. U hoeft niet te wachten totdat u uw eigen werk weer kan doen. Dat betekent dat uw werkgever u passend werk moet aanbieden. Dat is werk dat u met uw gezondheidssituatie, opleiding en ervaring kunt doen. Deze verplichting gaat ver. Aan de ene kant bent u verplicht om dit passende werk uit te voeren. Aan de andere kant is uw werkgever verplicht om ook passend werk aan te bieden. Zelfs als hij daarvoor zijn organisatie moet aanpassen. Als uw werkgever zelf geen passend werk heeft, moet hij voor u passend werk bij een andere organisatie zoeken.
Als u als werknemer geen passend werk accepteert, dan kan dit nadelige gevolgen hebben:
- U heeft (tijdelijk) geen recht op loondoorbetaling
- Het ontslagverbod tijdens ziekte geldt dan niet
- U kunt uw recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering verspelen
Tips!
- U staat sterker als u zelf in uw organisatie nagaat wat voor passend werk u zou kunnen doen. U staat nog sterker als u per brief met een concreet voorstel komt. Uw werkgever moet dan goede redenen hebben om uw voorstel af te wijzen. Als uw werkgever niet op uw brief reageert, en ook niet op een tweede aangetekende brief, kunt uw verzoek om passend werk aan de rechter voorleggen
- Soms kan uw werkgever u geen passend werk aanbieden, of werk dat u niet passend vindt. U kunt dan bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen hierover een deskundigenoordeel (second opinion) aanvragen
- Als u een deskundigenoordeel aanvraagt moet u er rekening mee houden dat uw werkgever u dit misschien niet in dank afneemt. De arbeidsrelatie kan hierdoor verslechteren
- Denk goed na over het advies van uw werkgever of bedrijfsarts om wegens gezondheidsredenen minder te gaan werken. Dit heeft niet alleen gevolgen voor uw inkomen, maar ook voor een (eventueel) latere arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Klachten Uwv
Als u niet goed bent behandeld door het UWV dan kunt u een klacht indienen. Meldt uw klacht bij De Ombudsman via het Klachtenportaal.
Om uw klacht zelf op te lossen kunt u gebruik maken van ons: Stappenplan Klacht indienen bij het UWV
Bezwaar en beroep Uwv
Als u het niet eens bent met de hoogte van uw uitkering of u krijgt ten onrechte helemaal geen uitkering, kunt u in bezwaar gaan. Dat doet u door bij het UWV een bezwaarschrift in te dienen. Denkt u er goed aan dat de termijn voor het indienen van een ZW- bezwaarschrift erg kort is, namelijk twee weken. Als het Uwv desondanks haar besluit niet wijzigt, kunt u in beroep gaan tegen het besluit bij de rechtbank, afdeling bestuursrecht. Stelt de rechter u ook in het ongelijk, dan kunt u in hoger beroep gaan bij de Centrale Raad van beroep. Dat is de hoogste rechter in sociale zekerheidsrechtzaken.
Gebruik ons: Stappenplan Bezwaar en beroep UWV

