Zorg- en dienstovereenkomsten
Laatst bijgewerkt op: 19-4-2012Voordat u zorg krijgt in bijvoorbeeld een AWBZ-instelling, gaat u met de instelling een overeenkomst aan. In deze overeenkomst staan de afspraken en voorwaarden die u met de instelling maakt over de zorg en diensten die geleverd zullen worden.
De wettelijk vertegenwoordiger
Er bestaat wel eens onduidelijkheid over welke personen de zorginstelling bij de behandeling moet betrekken. De wettelijk vertegenwoordiger van een meerderjarige patiënt is bijvoorbeeld de mentor en van een minderjarige patiënt de ouder. Ook andere personen zoals directe familieleden kunnen van belang zijn bij de behandeling van de zorgvrager, omdat zij de zorgvrager goed kennen. Anderzijds mag de mening van de wettelijk vertegenwoordiger en/of andere betrokkenen de behandeling niet in de weg staan. Het verdient aanbeveling om bij het aangaan van de zorgovereenkomst duidelijk vast te stellen welke belangenbehartiger inspraak heeft. Laat ook vastleggen hoe vaak en in welke gevallen de zorgaanbieder de belangenbehartiger moet raadplegen. Onduidelijkheid en klachten achteraf kunnen hiermee worden voorkomen.
Bepaalde tijd
Wanneer een zorgovereenkomst voor bepaalde tijd wordt aangegaan, dient de zorginstelling dit goed te motiveren. Duidelijk moet zijn waar de zorgvrager na afloop van de overeenkomst terecht kan. Dat geldt ook als de zorginstelling een overeenkomst wil omzetten van onbepaalde tijd naar bepaalde tijd. Een overeenkomst puur door tijdsverloop laten beëindigen, kan nietigheid met zich meebrengen wegens strijd met de goede zeden.
Capaciteit van de zorginstelling
Belangrijk is dat duidelijk is tot hoe ver de capaciteit van de zorginstelling reikt. Wanneer bijvoorbeeld sprake is van een progressieve ziekte of handicap, kan de situatie ontstaan dat de mate van zorg intensiveert en de zorginstelling hieraan niet langer kan voldoen. Van te voren hierover afspraken maken kan teleurstelling voorkomen. Hierbij geldt dat de zorginstelling de verplichting heeft zich in te spannen in het vinden van een vervangende instelling, wanneer dat aan de orde is.
Een voorbeeld
Er kan door een veranderde zorgvraag een indicatie ontstaan voor 24-uurs zorg, waaronder een nachtwacht. Dan kan blijken dat de zorginstelling dit niet kan waarmaken. Wanneer de verandering in zorgvraag van tevoren al duidelijk is, kan dit worden besproken met de zorginstelling en vastgelegd, zodat er geen verkeerde verwachtingen worden gewekt.
Redenen voor opzegging overeenkomst
Vaak is in de algemene voorwaarden opgenomen dat de zorginstelling kan opzeggen wanneer sprake is van dringende redenen. Omdat dit ter beoordeling aan de zorginstelling is, is het goed om met de zorginstelling te bespreken wat hieronder wordt verstaan. Dit kan worden vastgelegd in een apart document als aanvulling op de algemene voorwaarden (bijvoorbeeld: Wat wordt verstaan onder niet toelaatbaar gedrag, hoe vaak zal een cliënt worden gewaarschuwd, wat zijn de consequenties wanneer het gedrag onbehoorlijk blijft?).
Met betrekking tot opzegging van de zorgovereenkomst geldt over het algemeen dat dit in beginsel niet toegestaan is, tenzij sprake is van gewichtige redenen. Een gewichtige reden is bijvoorbeeld een vertrouwensbreuk. De relatie is dan zodanig verstoord dat een verdere voortzetting van de zorgverlening niet mogelijk is. Van dit laatste is niet snel sprake.
Bij een geschil over de opzegging van een zorgovereenkomst, kijkt de rechter naar twee aspecten:
1. In hoeverre is sprake van gewichtige redenen? Een gewichtige reden kan zijn:
• een ernstige mate van bedreiging of intimidatie die de situatie onwerkbaar maakt;
• een zodanige vertrouwensbreuk dat voortzetting van de overeenkomst niet langer kan worden verlangd;
• een ernstige verstoring van de dagelijkse gang van zaken die de hulpverlening aan anderen in gevaar brengt.
2. Heeft de zorginstelling in de aanloop naar de opzegging voldoende zorgvuldigheid betracht?
Hierbij is van belang dat de zorginstelling de regie neemt en voldoende pogingen onderneemt om tot een oplossing van het geschil te komen.
Alternatieve plek
Wanneer een zorgovereenkomst wordt opgezegd, heeft de zorginstelling de plicht om voor een alternatief te zorgen. Zonodig wordt het zorgkantoor ingeschakeld. Het zorgkantoor geeft toegang tot andere zorginstellingen. Wanneer het in een zo vroeg mogelijk stadium op de hoogte wordt gesteld, dan kan het tijdig een alternatief regelen. Het kan immers even duren voordat een nieuwe plek wordt gevonden.
Aansprakelijkheid
In de zorgovereenkomst kan de bepaling staan dat de zorgaanbieder slechts aansprakelijk is tot het bedrag dat door de verzekering wordt uitgekeerd en voor zover de aansprakelijkheid door de verzekeraar wordt gedekt. Dit kan voor de zorgvrager een aanzienlijke beperking in mogelijkheden betekenen om de zorgaanbieder voor schade aan te spreken. Bovendien geeft de bepaling niet aan tot hoever de dekking gaat en wat de polisvoorwaarden zijn. Er dient dan ook ter verdere beoordeling inzage te worden gegeven in de polisvoorwaarden van de verzekeraar van de zorgaanbieder.
Klachten en geschillen
Een geschil over voortzetting van de zorgovereenkomst en/of aanpassing van het zorgplan, kan worden voorgelegd aan een klachtencommissie. Een klachtencommissie geeft geen bindend oordeel, maar kan onderzoek doen naar de gedragingen van de instelling en de zorgvrager, kan een bemiddelende rol spelen en aanbevelingen doen aan de zorgaanbieder om de situatie te verbeteren. De zorginstelling is op grond van de Wet klachtrecht cliënten zorgsector verplicht om een klachtenregeling te hebben. Onderdeel hiervan is de onafhankelijke klachtenbeoordeling door een klachtencommissie.
Tevens bestaat de mogelijkheid een geschil met de zorginstelling voor te leggen aan de Geschillencommissie Zorginstellingen. Deze behandelt geschillen waarbij sprake is van schade (zaak- en/of persoonschade) en heeft de mogelijkheid een schadevergoeding op te leggen, ter hoogte van maximaal € 5000,-. De Geschillencommissie doet een bindende uitspraak. Voorwaarde is dat de zorginstelling is aangesloten bij de Geschillencommissie.
Ten slotte: bij klachten of geschillen kan mediation/bemiddeling een goed alternatief zijn om samen tot een oplossing te komen.

